logo Nederlands Kenniscentrum Ouderenpsychiatrie
 

Video Interactie Begeleiding (VIB)

Inleiding
Video Interactie Begeleiding (VIB) is een begeleidingsmethode die sinds 1993 ingezet wordt binnen verpleeghuis De Hazelaar, met name bij probleemgedrag en/of probleem ervaren gedrag van de dementerende ouderen. Verpleeghuis De Hazelaar is een onderdeel van Stichting de Wever te Tilburg. Onder deze Stichting vallen nog enkele dependances en verzorgingstehuizen, waar de methode eveneens toegepast wordt.Ontstaan van VIB
Na jaren van ervaring en onderzoek was er binnen De Hazelaar steeds meer inzicht gekomen in de manier waarop met dementerende ouderen het beste gecommuniceerd kan worden. Een wijze van communiceren, die recht doet aan de problemen, waarmee mensen te maken krijgen in een proces van dementeren en waarbij welbevinden en beleving centraal staan. Het bleek een moeilijke opgave om dit over te brengen op zowel centrale als professionele zorgverleners. Er werden hoge eisen gesteld aan kwaliteit, waarbij het van het grootste belang was om daarbij goede hulpverleningsinstrumenten te ontwikkelen. Video Interactie Begeleiding bleek een uitstekende methode daarbij te zijn.De wortels van VIB liggen in de jeugdhulpverlening. In de zeventiger jaren werd vanuit dagbehandelingscentrum De Widdonck in Roggel gezinsbegeleiding gegeven. Deze richtte zich op de communicatie tussen ouders en kind. Door analyse van de communicatie tussen ouders en kind in niet-problematische situaties kwam men in die jaren tot een aantal basisinteractieprincipes. Wanneer deze basiselementen in het contact aanwezig waren was er sprake van geslaagde communicatie. Deze kennis over geslaagde communicatie bleek goed bruikbaar in gezinnen waar problemen waren en op basis hiervan is later de methode Video Home Training (VHT) ontwikkeld. Voordat de video zich aandiende als bruikbaar hulpmiddel werd er in de praktijk gewerkt volgens het modellingprincipe. De gezinsbegeleider liet door voorbeeldgedrag zien hoe de ouder het beste kon reageren. Later werd gebruik gemaakt van video en werden ouders hun eigen voorbeeld. Door te kijken naar hun eigen gedrag leerden zij hun mogelijkheden weer kennen. Momenten dat basis interactieprincipes voorkwamen en dat er sprake was van geslaagde communicatie tussen ouder en kind werden door middel van video opnames getoond en ouders leerden de principes stap voor stap te gebruiken in moeilijke situaties. Geslaagde communicatie is niet alleen van belang in de ouder-kind relatie, maar ook in de relatie dementerende-zorgverlener. Geslaagde communicatie is immers een voorwaarde voor een goed contact en een goed contact is de basis voor een goede zorgverlening aan dementerenden. Eerst op deze basis kan er pas sprake zijn van belevingsgerichte zorg.  Vandaar dat in 1993 verpleeghuis De Hazelaar en stichting ORION uit Roermond in samenwerking het project ''video interactie begeleiding bij dementerende oudere'' opstartten. Kennis met betrekking tot de dementerende mens en de methode VHT werden gecombineerd.De methode staat beschreven in een handleiding en is in beeld gebracht in de film ''Goed bekeken''. Binnen de Stichting zijn medewerkers VIB in vaste dienst en de hulp van hen wordt veelvuldig ingeroepen. Voorts leidt De Hazelaar ook buiten de stichting nieuwe Video Interactie Begeleiders en supervisoren op, zodat het gebruik van de methode zich steeds meer uitbreidt.De methode Video Interactie Begeleiding
De methode is gebaseerd op een aantal uitgangspunten, waarbij de theoretische onderbouwing steeds meer vorm krijgt.
  • VIB richt zich op geslaagde communicatie. VIB is niet gericht op wat fout gaat, maar op wat van nature nog goed verloopt. Ieder contact heeft momenten van geslaagde communicatie in zich. Deze momenten vormen het uitgangspunt voor verdere begeleiding. Doel is deze momenten te verlengen of te vermeerderen.
  • VIB gaat er van uit, dat de dementerende tot ver in het dementeringsproces positieve initiatieven tot contact neemt. Juist door de video opnames te bekijken kan men zich bewust worden van deze (soms zeer zwakke) initiatieven.
  • Zorgverleners die hulp vragen willen een geslaagd contact met de dementerende oudere. Er is de wil om goede zorg te verlenen, of dit nu vanuit een gezamenlijk verleden is of vanuit een meer professionele denkwijze.
  • Iedere zorgverlener beschikt over natuurlijke capaciteiten om een geslaagde communicatie tot stand te brengen. In de praktijk wordt dit vaak ondergesneeuwd door gevoelens van machteloosheid, boosheid, ongeduld en onzekerheid. Doormiddel van VIB worden de zorgverleners zich weer bewust van de reeds aanwezige goede communicatie elementen in hun gedrag. Hierdoor vergroot het zelfvertrouwen en zijn ze in staat om deze elementen te vermeerderen.
  • Kenmerkend voor de methode is het gebruik van het medium ''video'' als gedragsmicroscoop. Door een begeleidingstraject uit te zetten waarbij systematisch naar concrete beelden gekeken wordt, wordt het te bereiken doel voor de zorgverlener duidelijk haalbaar.
Een geslaagde communicatie is afhankelijk van het verloop van de interactie. Het contactritueel van ''openen van het contact - handhaven van het contact - afsluiten van het contact'' moet worden doorlopen. Verder zien we dat bij geslaagde communicatie een vijftal basis interactie principes voorkomen:
  • Het volgen van initiatieven
  • Het bevestigen van de ontvangst
  • Het instemmend benoemen
  • Het verdelen van beurten
  • Het leiding geven aan de communicatie.
 Aan de hand van videobeelden zullen deze principes inde workshop nader toegelicht worden.Werkwijze van de methode
Na het indienen van een aanvraag, waarin de hulpvraag omschreven staat, wordt een Video Interactie Begeleider toegewezen. Deze voert een intake gesprek met de hulpvrager (verzorgende of familielid). Hierin worden gegevens verzameld en getoetst. Belangrijk bij deze intake is juist wat zorgverleners als probleem ervaren, waar zij zich machteloos in voelen en welke oorzaken zij voor het probleemgedrag zien. Ook wordt er gekeken welke situaties er nog wel goed verlopen, om zodoende een opening te vinden waar al geslaagde communicatie plaats vindt. Er wordt een duidelijke hulpvraag opgesteld en de mogelijk te behalen einddoelen worden besproken. Reeds bij het intakegesprek wordt de videocamera gebruikt, zodat er al sprake van enige gewenning kan zijn.Vervolgens wordt een eerste opname gemaakt, zo mogelijk van een situatie die goed verloopt en waar geslaagde communicatie in te zien is. De opnames duren slechts 5-10 minuten. Deze eerste opname wordt geanalyseerd aan de hand van de basis interactieprincipes, waarbij het accent ligt op die delen van de opname waar de gewenste communicatie te zien is. Daarnaast wordt er gekeken waar de capaciteiten van beiden liggen en wordt er een plan opgesteld voor het te volgen traject. Dit alles gebeurt onder begeleiding van de supervisor (meestal een psycholoog), die ook eind verantwoordelijke is van het gehele proces. De VIB-er gaat met beeldmateriaal en analyse terug naar de zorgverlener. Daar wordt een video-feedback gegeven aan de hand van de beelden. Vervolgens krijgt de zorgverlener een opdracht mee, die in de week die volgt geoefend kan worden. Afhankelijk van het plan van aanpak worden nieuwe beelden gemaakt, geanalyseerd en opnieuw met de zorgverlener doorgesproken. De focus bij de nieuwe opnames ligt steeds bij het geoefende gedrag en dan met name daar waar dit geslaagd is. De ervaring leert dat er doorgaans 3 of 4 opnames en feedbacks nodig zijn om tot oplossing van de hulpvraag te komen. De nadruk ligt steeds bij het veranderen van de interactie en niet bij het veranderen van het als storend ervaren gedrag. De invloed die de zorgverlener zelf in dit proces heeft staat op de voorgrond.Na de afsluiting is het wenselijk om een folluw-up af te spreken (bijvoorbeeld na drie maanden). Door de steeds wijzigende situatie in het dementeringsproces kan het nodig zijn om bij de zorgverlener weer even de basis interactieprincipes op te frissen en aanpassingen aan deze nieuwe situatie in het eigen gedrag door te voeren.Wanneer wordt VIB ingezet?
De methode kan aangewend worden in individuele contacten tussen zorgverlener en oudere, zowel in instellingen als in de thuissituatie. In instellingen wordt de methode steeds meer gebruikt om in te gaan op problemen die teams ervaren in de omgang met de cliënten. Hoewel de methode zich in eerste instantie richtte op de groep dementerende ouderen, blijkt er nu ook steeds meer vraag om hulp te komen uit andere groepen ouderen. Hierbij moet gedacht worden aan de cliënten van somatische afdelingen ( bijvoorbeeld bij CVA problematiek met storend ervaren gedrag) en cliënten uit de verzorgingshuizen met een psychiatrisch verleden.Naast het inzetten van de methode bij probleemgedrag kan hij ook ingezet worden in een meer preventieve sfeer en bij kwaliteitsverbetering van de zorgverleners. Zo verzorgt de Thuiszorg een vervolgcursus ''Omgaan met dementie in de dagelijkse praktijk'', waarbij opnames thuis bij de cursisten gemaakt worden, nog voordat er een probleemsituatie ontstaat. Hier gaat het dus meer om ondersteunen en voorkomen. Binnen de verzorgingshuizen kan de methode gebruikt worden bij cursussen ''basiscommunicatie'', in combinatie met een theoretisch deel over dementie. Aandachtsgebied ligt hier bij: Wat is dementie, Hoe ziet dat er dan uit en Hoe ga ik daar mee om.Al met al zien we een steeds bredere inzet van de methode binnen de gehele ouderenzorg met al zijn specifieke doelgroepen.Meer informatie:
  • Andrea de Groot (2006). Goed bekeken: Tien jaar Video Interactie Begeleiding in de ouderenzorg. Denkbeeld, 18, p. 2-5
  • Het handboek ''Video Interactie Begeleiding in de ouderenzorg'' en de films ''Goed bekeken 1 en 2'' zijn te bestellen via VIBHazelaar. Lees verder.

Bron: Andrea de Groot-Bos, Opleider VIB
Tilburg, februari 2003

© Nederlands Kenniscentrum Ouderenpsychiatrie
Laatst bewerkt 13 maart 2013

 - Stuur door - Hon-code